Zonnebloemen, 1889

Vincent van Gogh (1853-1890)
  • Olieverf op doek, 95 x 73 cm
  • Van Gogh Museum, Amsterdam
    (Vincent van Gogh Stichting)
  • F 458

‘Ik ben aan het schilderen met het enthousiasme van een Marseillaan die bouillabaise [=Provençaalse vissoep] zit te eten, wat je niet zal verwonderen, wanneer het gaat om het schilderen van grote zonnebloemen’. Het was augustus, de zonnebloemen bloeiden en Van Gogh legde ze vast in schilderijen. Omdat de bloemen snel verwelken en hij in één bloeiperiode wel 12 van zulke stillevens wilde maken, werkte hij er dagelijks aan.
De werken waren bedoeld als decoratie van de logeerkamer voor Paul Gauguin, die naar Arles zou komen en zijn eerdere schilderijen van uitgebloeide zonnebloemen zo gewaardeerd had.
Hij schilderde uiteindelijk vier van deze stillevens; slechts twee daarvan vond hij goed genoeg voor in de slaapkamer van zijn vriend. Later maakte hij er nog drie kopieën van, waarvan de versie in het Van Gogh Museum er één is.

Meer informatie over "Zonnebloemen"

Troost en dankbaarheid

In december 1888, enkele maanden na de eerste Zonnebloemen, schilderde Van Gogh een portret van Madame Roulin. Hij gaf het werk de titel La Berceuse: ‘wiegelied’ of ‘wiegster’. Augustine Roulin heeft een touw in haar hand waarmee ze de wieg kan laten schommelen en staat hier symbool voor ‘moederschap’ in het algemeen. Begin 1889 maakte de schilder nog vier herhalingen van het werk. Het thema had voor hem waarschijnlijk een nieuwe betekenis gekregen, door oude herinneringen aan zijn moeder tijdens een aanval van zijn ziekte.

Later bedacht Van Gogh dat La Berceuse en de Zonnebloemen elkaar mooi zouden aanvullen in een drieluik. Hij wilde daarmee een decoratief en betekenisvol geheel scheppen, dat bijvoorbeeld in een scheepskajuit zou kunnen hangen en dan troost zou bieden aan ver van huis vertoevende zeelieden. Het verklaart waarom Van Gogh later schreef dat de zonnebloemen ‘dankbaarheid’ zouden uitdrukken: deze betekenis kregen ze pas in combinatie met La Berceuse.

Copyright 2005-2010 - Van Gogh Museum | Colofon | Disclaimer