Een vermiste Van Gogh ontsluierd

Het Museum of Fine Arts in Boston en het Van Gogh Museum hebben gezamenlijk een nieuw schilderij ontdekt van Vincent van Gogh. Het werk bevindt zich onder het schilderij Ravijn (collectie Museum of Fine Arts, Boston).

De onderliggende compositie werd met behulp van een röntgenopname zichtbaar en blijkt grote overeenkomsten te vertonen met de tekening Wilde begroeiing in het Van Gogh Museum. De vondst geeft nieuwe inzichten in de plaats van de tekening in het oeuvre van Van Gogh en in het overschilderen van werken in de periode rond 1889. Ook laat het een nieuw motief (wilde begroeiing) zien dat Van Gogh in Saint-Rémy schilderde naast bijvoorbeeld korenvelden en cipressen.

Datering
De onderliggende compositie van het schilderij kan in juni 1889 gedateerd worden. Van Gogh verbleef toen nog maar een maand in de inrichting van Saint-Rémy waar hij aanvankelijk het terrein van de inrichting niet mocht verlaten. De toestemming voor het werken buiten de muren van de instelling begin juni viel samen met de ontvangst van schildermateriaal uit Parijs. Vanaf dat moment concentreerde hij zich voornamelijk op het schilderen van het landschap in de omgeving van de inrichting: cipressen, korenvelden, olijfboomgaarden en bergruggen. In een brief aan Theo (ca. 6 juni 1889) schreef hij “ik [ga] een kijkje nemen op het land…het is nu de juiste tijd van het jaar dat er veel bloemen zijn en dus kleureffecten.” Uit deze brief kan worden opgemaakt dat Van Gogh gefascineerd was door de bloemenpracht en deze ook graag wilde vastleggen. De kleurigheid van de verf waarmee het schilderij onder Ravijn is geschilderd, maakt aannemelijk dat het blad Wilde begroeiing daar het resultaat van is.

Vincent van Gogh (1853-1890), Ravijn, 1889, Museum of Fine Arts, Boston


Röntgenfoto van Ravijn



Vincent van Gogh (1853-1890), Wilde begroeiing, half juni-2 juli 1889, Van Gogh Museum (Vincent van Gogh Stichting)

Overschilderen
In zijn vroege jaren schilderde Van Gogh regelmatig een nieuw schilderij over een bestaand schilderij omdat hij niet de financiële middelen had om regelmatig schildermaterialen te kopen. In de periode waarin Van Gogh Wilde begroeiing overschilderde was er geen sprake van geldgebrek want zijn broer Theo zorgde ervoor dat de gewenste schildermaterialen op zijn rekening rechtstreeks uit Parijs werden opgestuurd. In oktober 1889 zorgde een vertraging in de levering van nieuwe materialen ervoor dat Van Gogh bij gebrek aan doek er voor koos om Ravijn over Wilde begroeiing heen te schilderen. Opvallend daarbij is dat hij het schilderij niet eerst vlak maakte voordat hij de nieuwe compositie aanbracht. Als gevolg hiervan is de levendige penseelstreek van de begroeiing nog zichtbaar in het verfoppervlak van Ravijn.

Tien tekeningen
Door de ontdekking van het schilderij kan de tekening in het Van Gogh Museum met zekerheid gerekend worden tot de reeks tekeningen die Van Gogh in juni 1889 naar zijn nieuwste schilderijen maakte en die hij begin juli aan Theo stuurde. Al langere tijd werd vermoed dat ook van Wilde begroeiing een geschilderd voorbeeld moest bestaan omdat het blad qua stijl, papier en tekenmaterialen sterk verwant is aan de negen andere tekeningen die tot de groep behoort. Alleen was er, tot deze ontdekking, geen geschilderde variant van bekend.

Louis van Tilborgh (conservator Van Gogh onderzoek, Van Gogh Museum) en Meta Chavannes (Andrew W. Mellon Fellow in de schilderijenrestauratieafdeling van het Museum of Fine Arts, Boston) publiceerden deze ontdekking in augustus 2007 in het toonaangevende kunsttijdschrift The Burlington Magazine.

Zie ook de website van het Museum of Fine Arts, Boston.

Copyright 2005-2014 - Van Gogh Museum | Colofon | Disclaimer | Links