Barsten en verfverlies
Als je kijkt naar de barsten en het verfverlies, dan komt de toestand van het schilderij zoals dit na reiniging tevoorschijn is gekomen, waarschijnlijk sterk overeen met wat Van Gogh zag toen het doek in zijn atelier in Arles waterschade had opgelopen. Waar het doek is gekrompen hebben zich brede, meanderende barsten gevormd die brosse verfvlakjes uit elkaar hebben getrokken, vooral in de met kobaltblauw en zinkwit geschilderde deuren.
We weten dat het schilderij al in een vroeg stadium is bedoekt met een waterige lijm. Hoewel dit gebeurde met de beste bedoelingen, kan dat het probleem van het barsten nog hebben verergerd. Opvallend zijn ook de vele hoekige plekjes waar verf en grondering hebben losgelaten. Misschien zijn deze stukjes verf eraf getrokken door de kranten die Van Gogh op het schilferende oppervlak heeft geplakt. Het kan ook heel goed zijn dat de losse schilfers eraf zijn gesprongen door het meerdere malen op- en afrollen van het schilderij toen het heen en weer werd gestuurd tussen Vincent en Theo.
Bewijs van zeer oude restauraties
Bij microscopisch onderzoek zijn in de barsten en hiaten restanten aangetroffen van zeer oude restauraties, die verzadigd zijn geraakt van de washarslijm waarmee het schilderij in 1931 is bedoekt. Deze observatie bevestigt dat de beschadigingen in een vroeg stadium zijn opgetreden. Ze zijn onderdeel geworden van de geschiedenis van het schilderij.
Nederlands
English

